Paarden hebben het liefst soortgenoten om zich heen met een voorkeur voor paarden van hetzelfde ras. Voor sommige paardeneigenaren is dat niet haalbaar en dan wordt er gekozen voor een schaap of geit als maatje. Dat is beter dan niets. Maar het paard komt dan echter zeker te kort als het gaat om bijvoorbeeld het poetsen van elkaar. Dit heeft invloed op het gedrag en stress bij het paard. Paarden hebben een hiërarchie binnen de groep. Dat zie je terug in het gedrag en in de manier van communiceren met elkaar. Omdat paarden van nature prooidier zijn, letten ze heel goed op hun omgeving en kunnen ze schrikkerig reageren. Het gedrag van het wilde paard was dat het het grootste gedeelte van de dag en nacht bezig was met bewegen en eten. Dit is nog steeds het natuurlijke gedrag van het huidige gedomesticeerde paard. Als paarden niet in de gelegenheid worden gesteld om tijd in gezelschap van soortgenoten door te brengen of om onvoldoende te kunnen bewegen en foerageren kan dit leiden tot stress met ongewenst gedrag. Soms resulteert dit in stalondeugden.